Brand
 

[ G-rekening en faillissement ]

Datum: 7 maart 2021

Een aannemer die werk uitbesteedt of een onderneming die personeel inleent, kan door de belastingdienst worden aangesproken voor (achterstallige) loonbelasting die zijn onderaannemers of uitleners verschuldigd zijn. Immers, de hoofdaannemer is conform de Invorderingswet 1990 hoofdelijk aansprakelijk voor verschuldigde loonbelasting van haar onderaannemer. In de incasso-praktijk levert deze keten- en inlenersaansprakelijkheid regelmatig discussie op tussen debiteur, pandhouder, curator en belastingdienst.

Bij een incasso in naam van een pandhouder weigeren debiteuren vaak het G-deel van de facturen te betalen. Waarom is dat? En kunnen pandhouders iets doen om toch volledige betaling te realiseren?

G-rekening
Om prudent om te gaan met de ketenaansprakelijkheid spreken partijen in de praktijk veelal af dat het loonbelasting gedeelte van de factuur op een geblokkeerde g-rekening wordt betaald op naam van de onderaannemer. Er is nadrukkelijk géén wettelijke verplichting om gebruik te maken van een g-rekening, het betreft slechts een overeengekomen betalingsafspraak.

Pandrecht vorderingen en g-rekening
Het pandrecht vorderingen zoals een bank dat vestigt ziet echter op alle vorderingen van de pandgever. Wat dient er te gebeuren wanneer de pandhouder zijn pandrecht kenbaar heeft gemaakt en overgaat tot inning van vorderingen? Debiteur dient dan de volledige factuur te voldoen aan de pandhouder, inclusief het g-rekening gedeelte. Betaling op de g-rekening geldt vanaf openbaarmaking niet meer als bevrijdende betaling. De debiteur loopt, als ze toch op de g-rekening betaalt, het risico nogmaals te worden aangesproken door de pandhouder en twee keer te moeten betalen.

Faillissement
Toch zijn veel debiteuren bij een faillissement niet bereid om het g-rekening gedeelte te voldoen aan de pandhouder. Debiteuren wijzen dan op de WKA en ‘verschuilen’ zich achter een mogelijke claim van de Belastingdienst. De ontstane onzekerheid wordt door debiteuren soms misbruikt om helemaal niets te betalen. Een debiteur beroept zich op haar opschortingsrecht terwijl veelal de fiscus zich niet meldt bij de debiteur.

Positie van de belastingdienst
De Belastingdienst heeft géén pandrecht op het g-rekening-deel van nog openstaande facturen. Ze heeft wél een pandrecht op de betalingen die op de g-rekening zijn gedaan vóór faillissement. De loonbelastingschuld wordt verminderd met de bedragen die op de g-rekening zijn betaald. Betalingen op de g-rekening ná faillissement vallen dan weer niet onder het pandrecht van de fiscus en komen in principe de boedel toe.

Werken naar een oplossing
Natuurlijk zijn er oplossingen om de ontstane impasse van non-betaling te doorbreken.
Ideaal zou zijn dat de debiteur een bevestiging van de belastingdienst ontvangt dat er geen openstaande schuld is waarvoor zij zal worden aangesproken. Debiteur kan dan met gerust hart het verschuldigde aan de pandhouder betalen. In de praktijk is zo’n verklaring moeilijk te verkrijgen en als deze wél komt, dan leert de ervaring dat deze de debiteur meestal geen volledige zekerheid geeft dat de Belastingdienst ze met rust zal laten. Elke inspecteur heeft zijn eigen procedure (of gebrek hieraan). Het maakt het er allemaal niet makkelijker op.

Uit onze praktijk blijkt dat pandhouders om goede redenen vaak wél bereid zijn tot enig pragmatisme om de situatie open te breken. Als pandhouder bijvoorbeeld aan de debiteur verklaart dat zij het geïncasseerde bedrag terugstort wanneer debiteur alsnog in een later stadium wordt aangesproken door de belastingdienst, dan leidt dit veelal wél tot betaling. Het neemt argumenten om niet te betalen bij de debiteur weg.

Conclusie

Iedere situatie is nét even anders. En juist doordat de debiteur een opschortingsrecht heeft, is het lastige materie. Succes van incasso hangt daarom af van de doortastendheid en vindingrijkheid van de incassant om betaling los te krijgen. Deze zal optrekken met curator, proberen afspraken te maken met de pandgever en in sommige gevallen een verklaring van de fiscus verkrijgen.

……………………………….

Bronnen:
  • artikelen 34, 35 van de Invorderingswet 1990
  • Aansprakelijkheid voor loonheffingen bij onder aanneming – Belastingdienst
logo-element